Mark Hagen

Nude Group Therapy


Download

Mark Hagen: Nude Group Therapy

Almine Rech Gallery, Brussel

Met genoegen stelt Almine Rech Gallery Nude Group Therapy voor, een tentoonstelling met nieuwe schilderijen en beeldhouwwerken van de in Los Angeles wonende kunstenaar Mark Hagen. Dit is de vierde solotentoonstelling van de kunstenaar in de galerie en zijn tweede in Brussel. De tentoonstelling Nude Group Therapy ontleent haar titel aan een vermelding in de Encyclopedia of World Problems and Human Potential, die in 1972 werd opgesteld door de Union of International Associations, een in Brussel gevestigd onderzoeksinstituut dat op kunstzinnige, ambitieuze en systematische wijze menselijke ellende in kaart brengt en zoekt naar middelen om die te verlichten. Sinds 2016 geeft Hagen zijn schilderijen titels naar secties uit het boekdeel  ‘Human Potential, Transformation and Values’ (Menselijk potentieel, transformatie en waarden), bijvoorbeeld ‘Nude Group Therapy’ (Naakte groepstherapie), dat onder andere vermeldt:

‘Naaktheid in groep en de gunstige effecten daarvan maken allang deel uit van tradities zoals de Scandinavische sauna ... Dergelijke naaktheid wordt gebruikt om de interpersoonlijke transparantie te verhogen, remmingen op het gebied van lichamelijk contact op te heffen en het gevoel van persoonlijk isolement en vervreemding te verminderen. Ze culmineert in een gevoel van vrijheid en verbondenheid. Door naaktheid wordt het individu ontdaan van zijn egopretentiesen soms zelfs van zijn egobeschermingsmechanisme.’[1]

Naakte groepstherapie, als een mogelijke stap naar het verlichten van het toxische machismo dat onze samenleving verzuurt, richt zich op het potentieel van mensen om op een niet-geseksualiseerde manier bijeen te komen, om anderen te accepteren en geaccepteerd te worden, waarbij oordelen en ego's net als kleren in de vestibule worden achtergelaten. Hagen maakt gebruik van de encyclopedie, meer bepaald van de delen die verband houden met zijn eigen werk, waarbij hij consequent een antihiërarchische houding aanneemt die voortspringt uit zijn ervaringen in het domein van punkrock en activisme tijdens zijn jeugd.

Bij het binnentreden van de galerie stuit de bezoeker op de nieuwste schermsculptuur van Hagen, een eerbetoon aan het 'bakstenen scherm' dat Eileen Gray  in Parijs maakte, waarvan de gelakte houten segmenten min of meer hetzelfde formaat hebben als de uit titanium vervaardigde Apple-laptops uit de vroege jaren 2000. Hagen ontdeed deze verouderde computers van hun omhulsels en anodiseerde ze vervolgens eigenhandig met het fosforzuur van frisdranken, waardoor het titanium een briljant gekleurd patina kreeg. De titel van het werk, 'Homage to Sapphic Modernity', is een kritische erkenning van Grays seksuele geaardheid, want ze behoorde tot de lesbische kunstenaars, schrijvers en intellectuelen – onder anderen Djuna Barnes, Radclyffe Hall en Gertrude Stein – die een leidende rol speelden in het Parijse modernisme tijdens het interbellum. Aangezien door de Grote Ooorlog  de mannelijke bevolking gedecimeerd was, kregen vrouwen nieuwe kansen in alle sectoren van de samenleving (inclusief de kunsten). Samen met deze toegenomen invloed en zichtbaarheid ontstond ook meer vrijheid en transparantie in de uitdrukking van seksualiteit. Op die manier brengt Hagen niet alleen hulde aan Eileen Gray, maar ook aan de geest van verzet tegen de hegemonie van de patriarchale, heteronormatieve samenleving die wordt belichaamd door die ingeweken vrouwen in het Parijs van de jaren 1920, waarbij hun dissidente geest wordt erkend als een integraal onderdeel van de opkomende moderniteit zelf.[2]

Hagen begon in 2010 met het maken van schermsculpturen. Hij stelt dat ze ‘net zo goed gezien als doorzien worden; ze laten het zicht toe en verstoren het ook, als een filter of lens die visueel verstrikt raakt in de andere objecten en toeschouwers in de ruimte’. De spanning tussen onthulling en verhulling wordt in dit geval symbolisch verhoogd door zijn gebruik van ontmantelde laptops, omdat computerschermen onze perspectivische horizonten tegelijk vergroten en beperken. De grenzen van de menselijke perceptie worden verder verkend via een  alchemistisch proces: Hagen zet vloeistoffen zoals Crystal Pepsi en Diet Coke om in een opvallende reeks kleurtinten. Hoe hoger de elektrische spanning waaraan de vloeistof wordt onderworpen, hoe dikker de kristallen die zich op het titanium vormen, wat bepalend is voor de kleur die je ziet. Maar ‘de kleur die je ziet’ is ook afhankelijk van de culturele, linguïstische en fysiologische aanleg van de toeschouwer, en zelfs dan beslaat het bereik van de kleuren die het menselijke oog kan waarnemen minder dan één procent van het elektromagnetische spectrum, hierdoor functioneert de sculptuur als een mimetische vervanger voor de kijker, een aandenken aan menselijke beperking en biologische conditionering.

Behalve het scherm wordt nog een hele reeks nieuwe werken gepresenteerd. Alle ontstonden op Hagens bekende manier: hij perst verf door jute, waardoor hij op subtiele wijze repetitieve geometrieën verstoort via cropping en de onvoorspelbare kwaliteit van het omgekeerde afdrukproces. Terwijl we van de voorkamer naar de achterste ruimte lopen, volgen we de evolutie in Hagens werkwijze via zijn nieuwe,  driedimensionale reliëfschilderijen. Deze verdere uitwerking en intensivering van Hagens vorige schilderijen vormteen gelijktijdige  verkenning van beeld en objectiviteit. De schilderijen zijn geïnspireerd op de experimenten met gevouwen papier die Josef Albers in het Bauhaus en in Black Mountain College uitvoerde: hij gaf zijn studenten de opdracht om kunstwerken te maken met uitsluitend papier en daagde hen uit om de inherente eigenschappen van het medium in het uiteindelijke kunstwerk te laten doorschemeren. Hagens creatieproces begint met het maken van gevouwen papieren objecten, die hij nauwgezet plooit in driedimensionale patronen, mét opzettelijke onvolkomenheden: die kleine plooien en kreuken dienen om de materiële kwaliteiten van het papier te benadrukken, in navolging van Albers’ richtlijnen. Van de papieren sculpturen worden dan siliconevormen gemaakt, waarbij elk miniem detail in de vorm van het papier in de silicone wordt overgenomen. Matte vormpasta, gekleurd met acrylverf, wordt vervolgens in talrijke dunne lagen in de mal aangebracht (een techniek uit de auto-industrie die in-mold-schilderen wordt genoemd) en wordt na het drogen op met glasvezel versterkt plastic gemonteerd. Het schilderij wordt vervolgens uit de vorm getrokken en voorzien van een aluminium kader met een steunarmatuur aan de achterzijde.

De reliëfschilderingen zijn niet alleen gebaseerd op de ideeën van Albers, maar doen ook denken aan de gevormde doeken van Frank Stella en de monochrome werken van Ellsworth Kelly en John McCracken. Hoewel deze kunstenaars de consistente uitvoering van een idee hoog in het vaandel dragen, probeert Hagen de visuele logica van zijn eigen schilderijen te doorbreken door het aanbrengen van een asynchrone toets. Of hij nu een geometrisch patroon bijsnijdt om het oog te verwarren, dan wel subtiele plooien in zijn anders ‘perfecte’ monochrome reliëfs verwerkt, steeds opnieuw breekt Hagen consequent de mal door de hand van de kunstenaar te tonen. Door het verstoren van de cyclische logica via lineaire vluchtvectoren drukt zijn kunst een diep vertrouwen uit in het menselijke potentieel voor radicale sociale evolutie – misschien via  naakte groepstherapie.

 

[1]Union of International Associations, ed., The Encyclopedia of World Problems and Human Potential, volume 2, 4th edition (Munich: K.G. Saur Verlag GmbH & Co. KG: 1994) 67.

[2]Jasmine Rault, Eileen Gray and the Design of Sapphic Modernity (Farnham: Ashgate Publishing, 2011) 4.