Johan Creten

Pliny's Sorrow


Download

VIDEO: http://www.youtube.com/watch?v=WnGkea8KnRA

De Brusselse Galerij Almine Rech stelt u met trots een individuele tentoonstelling voor van de monumentale bronzen sculpturen van de Belgische kunstenaar Johan Creten.

PLINY’S SORROW bestaat uit negen enigmatische bronzen beelden, waarvan er acht specifiek voor deze tentoonstelling werden gecreëerd. Creten, het best gekend voor zijn virtuoze werken in gebakken keramiek en in het bijzonder voor zijn bloeiende Odore di Femmina bustes in terracotta, is ook een meester in de verloren was techniek bij bronsgieten. Deze ambitieuze tentoonstelling is hier een getuigenis van op ongekende schaal. Slechts één werk, Plantstok (1989-2009), een antropomorfe en primitief ogende talisman in verguld brons, heeft bescheiden afmetingen. De replica van de plantstok van de kunstenaar zijn grootvader lijkt minuscuul ten aanzien van de andere werken – massieve vogels, exquise Kunstkammer monsters, torenhoge zuilen, een gigantische bank tussen twee bloeiende torso’s – maar verdient evengoed de term monumentaal.

De titel van de tentoonstelling ontleent zijn naam aan het grootste werk – een arendachtige vogel met reusachtig uitgespreide en gebroken vleugels, zijn ruw gebeeldhouwde rug uitgehold. De totemachtige monoliet, tegelijk heroïsch en melancholisch, illustreert op een indirecte manier een reis van Plinius de Jongere:

Indien de afbeeldingen van de gestorvenen aangebracht in onze huizen onze droefheid verlicht, wat dan met de publieke afbeeldingen die niet enkel gedenktekens zijn aan hun voorkomen en gelaatstrekken, maar ook aan hun roem en eer![1]

De sculpturen van Creten zijn noch monumenten noch anti-monumenten: de herdenkende, helende en triomfantelijke kracht van publieke kunst, zijn bekwaamheid om ons onze smart te doen vergeten, verlies te herinneren en al wat roemrijk en groot is te vieren, wordt tegelijk gedestabiliseerd en verrijkt. Met elke stap rondom het werk, zijn er interpretaties in overvloed en woekeren betekenissen. De arend, een vaste waarde in het werk van Creten, echoot een symbolische en politieke lading. Duurzaam en indrukwekkend in vooraanzicht, rijst hij majestueus omhoog op een klassiek voetstuk tot een hoogte en breedte van vier en een halve meter. Echter, gezien vanuit een andere hoek, is hij enkel omvangrijk, een broze pantser, achteloos en afgemat.

Het solide en efemere, in massief en duurzaam brons gegoten - dit is Cretens opmerkelijkste verdienste.

Deze interactie neemt verschillende vormen aan. Op La Mamma Morta, een enorme draaiende zuil die de vloer van de galerie bijna met het gewelfde plafond verbindt, prijkt bovenaan een vrouwelijke torso. De referentie naar de opera van Chénier is één mogelijke duiding, de dood van de patria of het Moederland een andere. Andere zuilen dragen exquise zeemonsters: een mensachtige kwallenhuid op de ene; een kronkelende, flamboyante inktvis, de tentakels in elkaar verstrengeld, op de andere. Een volgende piëdestal, La Borne, rijst omhoog en draaidt zich op tussen een beknopte geschiedenis van het Gotische en Barokke zuilenontwerp, alvorens zich te transformeren in een zwartgeblakerde industriële negentiende-eeuwse schoorsteen, William Blake’s meest duistere en duivelse fabrieken waardig. In het Frans staat borne voor een grenspaal, terwijl La Borne een Frans dorpje is dat bekend staat voor zijn keramiek. Doorheen de gehybridiseerde vormen van Creten botsen en schitteren  betekenissen, zowel privé als publiek, grenzen worden niet alleen in de ruimte uitgestippeld maar ook in de tijd, tussen landschap en geschiedenis. Dit evenaart de  manier waarop we de globale indruk van Pliny’s Sorrow kunnen omschrijven wanneer we er rondwandelen : je loopt de hoek om en plots wordt wat hermetisch en mysterieus was, een oncontroleerbare vervloeiing van betekenissen waarbij référenties en registers uit de natuurlijke - en de kunstgeschiedenis ons naar een nieuwe, verbazingwekkende en diepmenselijke verzinnelijking van het sublieme leiden.

Johan Creten werd geboren in 1963 in Sint-Truiden, België. Hij woont en werkt in Parijs. In 2009 werd hij genomineerd voor de Vlaamse Cultuurprijs. In 1966 ontving hij de Prix de Rome. Hij onderwees in de Verenigde Staten, Nederland, België en Frankrijk en zijn werken zijn verspreid over publieke en private collecties over de hele wereld. Hij stelde in 2005 tentoon in het Louvre en in 2008 in het Musée de la Chasse et de la Nature in Parijs. Zijn werk wordt volgende zomer opgenomen in de tentoonstelling Big Brother, l'artiste face aux tyrans in Dinard, Frankrijk.

Dit is zijn eerste tentoonstelling bij Almine Rech.


[1] Pliny the Younger, Letters, Engelse vertaling door William Melmoth, gereviseerd door W. M. L. Hutchinson, (1947-1952). W. Heinemann.